Systeembouw

Brand compartimentering

Met ingang van het nieuwe bouwbesluit 2012 zijn de wettelijke eisen aan brandcompartimentering ook aangepast.

Een brandcompartiment is het maximale uitbreidingsgebied van de brand binnen het gebouw. Afhankelijk van de functie van het gebouw is er een maximale omvang van een brandcompartiment gegeven. Voor een logiesfunctie is dit 500 m², voor kantoren, woningen, sport en bijeenkomstfunctie is dit 1000 m² en voor industriefunctie (zowel opslag als werkplaats) 2500 m². Voor bestaande bouw (verbouw) gelden afwijkende eisen (over algemeen 2000 m² voor kantoren e.d. en 3000 m² voor industrie).

Wilt u een groter brandcompartiment realiseren, dan is het mogelijk op basis van gelijkwaardigheid vrijstelling van de compartimentgrootte aan te vragen. Bijvoorbeeld bij aanwezigheid van een sprinkler of een rook/warmteafvoer installatie of doordat er relatief weinig brandbare stoffen opgeslagen worden. De meest gebruikte methode om gelijkwaardigheid aan te tonen is het Model Beheersbaarheid van Brand (BVB).

Hiermee wordt op basis van de aanwezige vuurlast (zowel het gebouw zelf als de producten in het gebouw) en het veiligheidsniveau (sprinkler, rwa, brandwerendheid van gevels) bepaald of de voorgestelde oplossing gelijkwaardig is. Hiermee is het in veel gevallen mogelijk compartimenten van 2500 tot 10000 m² te realiseren of nog groter.

Soms is het echter kostenefficiënter om toch te compartimenteren, zeker als er toch al niet brandwerende tussenwanden gewenst zijn. Op basis van uw specifieke situatie rekenen we graag de diverse opties door.

Brandwerendheid

Houdt er rekening mee dat wanneer u uw bedrijfspand dicht bij een erfgrens of ander gebouw bouwt, er eisen zullen komen aan de brandwerendheid van de betreffende buitengevel. In veel gevallen zullen de toe te passen gevelpanelen wel voldoende brandwerend zijn maar ook de hoofddraagconstructie waarop de wand bevestigd is zal voldoende brandwerend dienen te zijn. Dit kan bereikt worden door (a) overdimensioneren van de hele constructie, (b) brandwerend bekleden, inklemmen en ontkoppelen middels kantelnok van de betreffende kolommen of (c) het plaatsen van een extra brandwerend beklede kolom tussen of voor de bestaande constructie. Ook hierin adviseren we u graag op projectbasis wat de beste methode is.

Bij het ontwerpen van een bedrijfsverzamelgebouw met meerdere gebruikers kan gekozen worden voor een eigen brandcompartiment per unit of een overkoepelend brandcompartiment. In het laatste geval blijft de onderliggende kadastrale kavel intact en wordt het eigendom per unit vastgelegd in een vereniging van eigenaren. Indien de kavel kadastraal gesplitst wordt dient elke unit een eigen brandcompartiment (60 minuten WBDBO) te krijgen. Dit kan bereikt worden middels losstaande constructies met daartussen een brandwand met smeltverankering aan weerzijden of door middel van een in de wand opgenomen kolom welke brandwerend bekleed of overgedimensioneerd wordt welke aan weerzijden voorzien wordt van een afvalconstructie.

Veel gebruikte termen / eisen

• WBDBO
De term WBDBO staat voor ‘weerstand tegen brand doorslag en brand overslag’; brand doorslag is het doorslaan van brand door een (binnen)wand heen, brand overslag is het doorslaan van brand via de buitenlucht (bijvoorbeeld over een perceelsgrens geen of over het dak heen).  Wanneer dus een eis van bijvoorbeeld 60 minuten WBDBO gesteld wordt dan dient het minimaal 60 minuten te duren voordat een ontwikkelende brand van het ene compartent naar een naast- of bovengelegen compartiment overslaat. Om dit te bereiken moet dus niet alleen naar het toegepaste dak- of wandproduct gekeken te worden maar ook naar de constructie waarop en waarmee deze bevestigd zijn
• EI -eis
Voor binnenwanden geldt voor gevelproducten een ‘EI’-eis. Dit betekent dat het toe te passen product niet alleen voor de geeiste tijdsduur vlamdicht dient te zijn en structureel intact moet blijven maar ook dat er nergens op het wandoppervlak zogenaamde ‘hotspots’ mogen ontstaan welke meer dan 180 graden warmer zijn dan oorspronkelijk. Er zou dan namelijk zelfontbranding kunnen ontstaan van bijvoorbeeld de in het beschermde compartiment opgeslagen materialen. Steenwol producten, beton of gasbeton zijn geschikt voor binnenwanden met een EI eis vanwege de hoge thermische capaciteit. PIR producten zijn in beperkte mate geschikt voor binnenwanden (EI30)
• EW -eis
Voor een buitenwand of een dak geldt de zogenaamde ‘EW’-eis, het product moet vlamdicht zijn en de straling op 1 m afstand moet lager dan 15 kW/m² blijven maar er mogen wel hotspots ontstaan op het oppervlakte. Dit leidt immers niet tot het ontbranden in een ander brandcompartiment. Over het algemeen zijn PIR producten geschikt voor toepassing in buitengevels en daken (EW)
• Permanente Vuurlast
Dit is de verbrandingswaarde van alle gebruikte bouwmaterialen opgeteld. Deze wordt door ons bepaald. Het totaal van de 2 vuurlasten (Permanent + Variabel) bepaald samen met de aanwezigheid of afwezigheid van een sprinkler de maximale compartimentsgrootte
• Variabele Vuurlast
Dit is de verbrandingswaarde van alle producten die opgeslagen worden incl. verpakking, voertuigen etc. Deze wordt over het algemeen door onze opdrachtgever aangeleverd. Het totaal van de 2 vuurlasten (Permanent + Variabel) bepaald samen met de aanwezigheid of afwezigheid van een sprinkler de maximale compartimentsgrootte.
• Het Bouwbesluit
Het bouwbesluit stelt ook eisen aan de brandwerendheid van een bouwconstructie ofwel de hoofddraagconstructie. Deze eis is afhankelijk van een aantal factoren zoals de hoogte van de hoogste vloer, de grootte van een compartiment en de ‘permanente’ vuurlast. In gebouwen waar geen brandcompartimenten ‘gestapeld’ worden (bijv een flatgebouw) vervalt in de meeste gevallen deze eis, wanneer er wel een eis blijft kan dit op verschillende manieren bereikt worden: bekleden, spuiten, met beton vullen of inwerken in een wand.
 
Voor meer informatie zie ook http://www.brandveiligmetstaal.nl